Steun ons en help Nederland vooruit

donderdag 19 december 2019

Interactieve avond over: Slim, snel, veilig en schoon op weg geslaagd

De provincie Utrecht streeft naar een goede bereikbaarheid per fiets, openbaar vervoer en auto in een gezonde en verkeersveilige omgeving. De provincie bepaalt hoe onze (provinciale) wegen en fietspaden er nu en in de toekomst uit komen te zien. Maar daarnaast spelen er nog vele andere en algemene vragen: hebben we bijvoorbeeld over tien jaar nog een eigen auto of inmiddels een deelauto? Mag de heilige koe straks nog wel het dorp in? Worden we binnenkort voorbij gesjeesd door speed pedelecs en e-bikes?

Om met elkaar in gesprek te gaan over de toekomst van mobiliteit hebben D66 Utrechtse Heuvelrug en D66 Zeist op 25 november een interactieve avond georganiseerd voor inwoners van beide gemeenten.

Gastsprekers waren D66-Tweede Kamerlid Matthijs Sienot, Erwin Kamp, Statenlid voor D66 en Martin de Vries, professional op het gebied van smart mobility en speed-pedelec rijder. Angele Welting, buitengewoon raadslid voor D66 Zeist leidde het gesprek op een professionele en prikkelende wijze. Angele heeft recent een inventarisatie uitgevoerd van knelpunten die fietsers in de gemeente Zeist ervaren.

Ter introductie beantwoordden de gastsprekers een aantal vragen over de ambities van D66 ten aanzien van mobiliteit, op welke maatregelen ze trots zijn, welke rol zij zien voor mobiliteit in het klimaatakkoord, maar ook wat voor de betreffende spreker persoonlijk sneller of beter zou mogen gaan en wat de crux in de transformatie rondom verkeer en vervoer zou moeten zijn.

Vervolgens gingen de gastsprekers met de aanwezigen in gesprek over prikkelende stellingen, te weten:
– D66 kiest voor de fiets boven de auto; dus meer fietspaden en voorzieningen en minder asfalt voor de auto
– De elektrische auto is vooral een duurzaamheidsspeeltje voor rijke mensen
– We ontkomen niet aan slim beprijzen van het autogebruik om Nederland duurzamer te maken
– De Provincie Utrecht moet een sneltramverbinding van Utrecht Science Park naar het NS Station Driebergen Zeist omarmen in haar mobiliteitsambities; en
– Er moet meer geld naar het OV buiten de randstad.

Het werd een levendig gesprek met vele en diverse invalshoeken die mede door het publiek werden ingebracht. Hieronder volgt een aantal uitspraken die een impressie geven van de avond.

“Iedereen moet iets doen voor het klimaat, het is niet de intentie om de automobilist te pesten.” Matthijs Sienot (MS)

“Het klimaatprobleem is een moreel vraagstuk.” Erwin Kamp (EK)

“De verkoop van elektrische fietsen neemt exponentieel toe. En de infrastructuur sjokt achter innovatie aan.” Martin de Vries (MdV)

De provincie Utrecht zou met een mix van vervoersmiddelen als de “draaischijf van Nederland” kunnen fungeren. Daarbij zouden gemeenten meer kunnen investeren in de fiets en daarbij niet alleen naar de provincie of het Rijk kijken. Het blijkt echter in de praktijk niet altijd makkelijk om dergelijke investeringen te kunnen handhaven als je niet onderdeel uitmaakt van de coalitie en er drastisch bezuinigd moet worden vanwege tekorten in andere domeinen.

Er werd geopperd om fietsen aantrekkelijk en “sexy” te maken, eventueel door het inzetten van bekende Nederlanders als ambassadeur van de fiets. De fiets en andere duurzame vormen van vervoer anders “framen” zou ook kunnen helpen om het imago te verbeteren bijvoorbeeld bij autobezitters die gevoelig zijn voor het type auto als versterking van hun identiteit. Denk hierbij aan gezondheids- en leefbaarheidsvoordelen in plaats van het meer abstracte klimaatprobleem.

Volgens de persoonlijke ervaring van Erwin, komt in de opleiding tot autoverkoper die gevestigd is in Driebergen, de elektrische auto niet voor. Er is dus nog een lange weg te gaan wat dit betreft. Autobezit zou lokaal belast kunnen worden vanwege het ruimtebeslag.  Autogebruik belasten door middel van ritbeprijzing werd over het algemeen een goed idee gevonden.

Andere suggesties waren om niet alleen in nieuwe infrastructuur, zoals de fietssnelwegen en snelfietsverbindingen juist op bestaande fietspaden de knelpunten aan te pakken.

Over het punt van doorstroming en drukte in de spits werd als goed voorbeeld de gespreide aanvangstijden van de universiteit Nijmegen genoemd: verschillende faculteiten starten op verschillende tijden met hun colleges. Dit zou op lokaal niveau ook met scholen afgesproken kunnen worden, binnen realistische marges.

Al met al had het gesprek nog veel langer door kunnen gaan, met veel expertise en ervaring in de zaal en een boeiende dynamiek met de sprekers. De avond werd afgesloten met een gezellige borrel.

Bijdrage van: Elke Wisseborn D66 afdeling Zeist